Skip to content
Artwork for Vers voor Vers
Vers voor Vers · September 6 · 1 hr 7 min

Romeinen 3:21‑26

Steve Gregg bespreekt Romeinen 3:21-26, waarin Paulus overgaat naar de kern van zijn betoog: de gerechtigheid van God die apart van de wet wordt geopenbaard en die door geloof in Christus tot alle gelovigen komt, zonder onderscheid tussen Jood en heiden. Hij gaat in op de dubbelzinnigheid van de uitdrukking "gerechtigheid van God" en legt uit dat geloof (pistis) bij Paulus niet alleen instemming met feiten betekent, maar een verbondsmatige relatie van wederzijds vertrouwen en trouw, vergelijkbaar met trouw in een huwelijk. Vervolgens werkt hij uitgebreid uit dat "de heerlijkheid van God", waaraan alle mensen tekortschieten, niet gelijkstaat aan de hemel, maar aan het gelijkvormig worden aan het beeld van Christus, waartoe gelovigen al in dit leven geroepen zijn. Tot slot bespreekt hij hoe mensen om niet gerechtvaardigd worden door genade, door de verlossing in Christus, en gaat hij in op de betekenis van hilasterion (verzoendeksel of verzoenoffer) en op de vraag of Gods toorn gestild moest worden, waarbij hij benadrukt dat God niet tegen Zijn wil in tot vergeving werd bewogen, maar Zelf de weg tot verzoening opende. Lees mee met de volledige tekst op versvoorvers.org

0:00 · Keerpunt in Paulus’ betoog-1:07:33

transcript

No transcript — this publisher did not publish one.

show notes

Steve Gregg bespreekt Romeinen 3:21-26, waarin Paulus overgaat naar de kern van zijn betoog: de gerechtigheid van God die apart van de wet wordt geopenbaard en die door geloof in Christus tot alle gelovigen komt, zonder onderscheid tussen Jood en heiden. Hij gaat in op de dubbelzinnigheid van de uitdrukking "gerechtigheid van God" en legt uit dat geloof (pistis) bij Paulus niet alleen instemming met feiten betekent, maar een verbondsmatige relatie van wederzijds vertrouwen en trouw, vergelijkbaar met trouw in een huwelijk. Vervolgens werkt hij uitgebreid uit dat "de heerlijkheid van God", waaraan alle mensen tekortschieten, niet gelijkstaat aan de hemel, maar aan het gelijkvormig worden aan het beeld van Christus, waartoe gelovigen al in dit leven geroepen zijn. Tot slot bespreekt hij hoe mensen om niet gerechtvaardigd worden door genade, door de verlossing in Christus, en gaat hij in op de betekenis van hilasterion (verzoendeksel of verzoenoffer) en op de vraag of Gods toorn gestild moest worden, waarbij hij benadrukt dat God niet tegen Zijn wil in tot vergeving werd bewogen, maar Zelf de weg tot verzoening opende.

Lees mee met de volledige tekst op versvoorvers.org

links1

chapters

24 chapters

more episodes

All episodes